donderdag 5 september 2013

Het theater kijkt terug

Vijf paragrafen over toneel en representatie

Eerder vandaag in Theaterschrift Lucifer 14.
Daar ook een uitgebreidere versie van mijn eerdere stuk over Eigentijds Maniërisme, en een gesprek over theater en representatie met mijn aanwezige deelname.



I.

In deel III van Modern Painters (1856) introduceert de Engelse criticus John Ruskin het begrip pathetic fallacy: het toeschrijven van gevoelens, intenties, gedachten en dergelijke aan dingen. Rilke bouwde zijn hele poëtica rond dat soort omkeringen: ‘Da ist keine Stelle, die dich nicht sieht’; ‘so, wie selber die Dinge niemals innig meinten zu sein’. De ‘visual theorist’ James Elkins voert die metafoor tot in het extreme door in The Object Stares Back (1996): hij beschrijft kijken als een interactief proces, waarin het bekeken ding zich opdringt aan de kijker. Het ding kijkt terug.


Theater is evenzeer gebouwd op zulke projecties: je schrijft de intenties, twijfels en handelingen van een fictieve ‘Hamlet’ toe aan een figuur op het toneel. Het verschil is dat deze Hamlet wordt uitgebeeld door een mens van vlees en bloed, die van zichzelf al gedachten en intenties heeft, en die ook letterlijk terugkijkt. Zelfs theater dat de illusie wil doorbreken – en dat is vrijwel alle theater sinds Beckett en Brecht – bedient zich van zulke projecties. Er kan geen Verfremdungstheater zijn zonder enscenering, en Laura van Dolron moet verdomd goed acteren om zichzelf te spelen.


woensdag 4 september 2013

Gaudeamus, 2013 (2): Doe het zelf

Custom Made Music / Ensemble Modelo62
RASA, 3 september

Hoeveel verschil maakt het waar je iets hoort? Vrijdag was ik bij een concert van Custom Made Music in Roodkapje, een galerie met beatkelder in Rotterdam. Vandaag hoorde ik hetzelfde concert in RASA in Utrecht, niet het meest concertgebouw-achtige theater maar beslist geen underground. Vanzelfsprekend is in RASA het licht mooier, het geluid beter en de regie strakker, en dat kan het verschil maken tussen een veredelde try-out en een theatrale gebeurtenis. Maar Custom Made Music heeft juist een hoge mate van Do It Yourself-mentaliteit die beter in een undergroundkelder past, al brengt het werken met live electronica en nonconventionele speelwijzen wel een aantal minimum-eisen mee qua technologie en qua aandachtig luisterend publiek. Het is daarmee, zoals wel meer nieuwe initiatieven in de hedendaagse muziek, ambigu tussen de concertzaal en de projectruimte.



Custom Made Music is het initiatief van een groep studenten KunstMediaTechnologie (KMT) aan de HKU-dependance in Hilversum. “We hebben bij KMT geen eindexamenconcert, dus organiseren we het zelf maar”, aldus oprichter Gagi Petrovic. Dat sluit aan bij wat ze individueel toch al doen: hun eigen instrumenten maken (variërend van een eensnarige golvengenerator tot een interactief vingerdoolhof), een huis-tuin-en-keuken-gamelan bouwen op een oude pick-up, jammen met live electronica. Hun gigs zijn kleinschalig van opzet, een aaneenschakeling van solo’s en duo’s, waarbij het publiek geacht wordt tussen de musici rond te lopen. Dat kun je in Roodkapje doen of in RASA, dat maakt wel verschil qua sfeer en production values maar het wordt er niet een wezenlijk ander concert van. Het gekke elektronische wonderdoosje van Roald van Dillewijn komt met meer speakers beter tot z’n recht, Dianne Verdonk is in RASA opeens slecht bij stem, maar dat zijn eigenlijk details. De vraag is vooral, wat als je op grotere schaal gaat werken? Ben je dan veroordeeld tot theaters met hun betere theatertechniek of juist tot site-specific installaties in loodsen en projectruimten waar je meer je gang kunt gaan?

dinsdag 3 september 2013

Gaudeamus, 2013 (1): De terugkeer van het nieuwe

ASKO|Schönberg en VocaalLAB, Geertekerk, 2 september


Nochmals, bitte, nochmals! De frase komt uit een interview met Hanns-Georg Gadamer, niet lang voor zijn dood, die mijmert over een concert dat hij 85 jaar daarvoor had bijgewoond in Breslau. Het had het motto van de eerste dag van de Gaudeamus Muziekweek kunnen zijn. Weliswaar bestaat de programmering hoofdzakelijk uit premières en recent werk, maar al die nieuwe of recente werken zijn op een bepaalde manier een reactie of teruggreep op iets ouders.

Foto: Herre Vermeer

Dat begint al op dag 0. Bij wijze van voorproefje organiseert Gaudeamus tijdens de Uitfeesten kleine concerten in Museum Speelklok, daarbij afgewisseld door een andere instantie die iets doet met kinderen en André Hazes covers. Thomas Bensdorp heeft in Family Plot een oude artistieke zwart-wit-video van zijn moeder als uitgangspunt genomen, en daaruit de beelden gekoppeld aan de beschrijving die zijn vader en een andere man veertig jaar later van die video geven, en aan een opname van de poging om de projector weer aan de praat te krijgen. Dit alles wordt vergezeld van zeven ronddraaiende muziekdoosjes en een tape die deels bestaat uit vervormde klanken van diezelfde muziekdoosjes. Het is een werk dat de toeschouwer plaagt omdat je eigenlijk natuurlijk die oude video in zijn geheel zou willen zien, terwijl er uiteindelijk niet veel meer aan te zien zal zijn dan wat je al ziet. Het is een dromerig geheel van onttakelde herinneringen, maar sentimenteel is het niet: daarvoor is het commentaar te neutraal beschrijvend, het geklungel om de projector weer aan de praat te krijgen te prozaïsch, en de soundtrack en de enscenering teveel van hier en nu.

maandag 26 augustus 2013

zondag 25 augustus 2013

Bury your dead

Drawing I made today as part of an ongoing dialogue in ink with Iskra Vuksic - which started with A modern traffic light


maandag 12 augustus 2013

Around the house

Eerder vandaag in hard//hoofd. Klik op afbeelding voor groter formaat.
 

Het heeft me lang gekost de vakantie te leren waarderen. Ik hou er nog steeds niet echt van. Het culturele en academische leven ligt stil en de bibliotheken zijn beperkt open. De eerste stap was te leren reizen – dat wil zeggen, ergens heen te gaan en voortdurend impulsief te besluiten wat ik nu zal gaan doen. De tweede stap was de rest van de tijd te doen wat ik altijd doe. Zolang ik mezelf niet wijsmaak dat ik in twee maanden een half proefschrift en drie artikelen ga schrijven, lukt dat vrij aardig.



Mijn vader kon geen dingen weggooien. Ik kan dat ook niet. Mijn oplossing is om geen overbodige dingen mijn huis in te laten. Mijn vaders spullen heb ik grotendeels weggegeven; zijn koelkast wasmachine namaak Rietveldstoel oude erlenmeiers houten beeldjes bruin aardewerk en kaasmolens staan nu bij vrienden, als een soort van monument in de diaspora. De olielampen, kimono, japanse prent en brievenweger heb ik gehouden.

vrijdag 2 augustus 2013

Onbedoelde kunst is overal

UB Amsterdam Bijzondere Collecties | Westersingel, Rotterdam | NAi




Ik geloof niet dat de buurman doorheeft dat hij een conceptuele installatie in zijn tuin heeft.