Posts tonen met het label dans. Alle posts tonen
Posts tonen met het label dans. Alle posts tonen

dinsdag 3 juni 2014

Gaten in de tijd

Rosas / Ictus Ensemble, Vortex Temporum
Holland Festival (opening), Muziektheater, 1 juni
gisteren op muziekvan.nu





Wat valt er nog te zeggen over Vortex Temporum? Het sextet van Gérard Grisey is achttien jaar na voltooiing en zestien jaar na Griseys dood klassiek modern geworden, een van de kandidaten voor de canon van de hedendaagse muziek. Een van de weinige spectralistische werken ook waarin de aandacht voor de klankkleur en de individuele toon niet ten koste gaat van de vaart, een werk waarin de licht verstemde piano en de voortdurende nieuwe aanzetten ook bij opnieuw beluisteren ontregelend blijven werken, muziek die letterlijk ‘wervelt’. En tegelijk: das wissen wir schon. Het is bij uitstek een stuk voor notenfetisjisten op zoek naar een sublieme ervaring. Hoe red je nu zo’n stuk van z’n eigen succes, hoe maak je het weer nieuw en actueel zonder de oorspronkelijke intensiteit en dynamiek te doorbreken?

Zondagavond opende het Holland Festival met Anne Teresa de Keersmaekers’ bewerking van Vortex Temporum voor dansers. ‘Bewerking’ is hier het juiste woord, want hoewel er geen noot aan de partituur is aangepast, gaat de choreografische ingreep verder dan ‘muziek op dans zetten’. De dans, laten we daar mee beginnen, is uitzonderlijk onspectaculair, en dat is ook goed zo. De concentratie die van de dansers gevraagd wordt is immens, maar er komen geen hoge kicks, six o’clocks, sprongen naar de hemel en meterslange vloerduiken in voor. In plaats daarvan krijgen we iets wat het midden houdt tussen schijnbare chaos, ceremoniële processie, tableaux vivants, verstilde actie en plotselinge, wervelende bewegingen.


vrijdag 11 april 2014

Drie verhalen over narrativiteit

Gisteravond verzorgde ik namens hard//hoofd drie live columns bij de HF Young Academy, een programma als opwarmertje voor het Holland Festival. Hoofdacts waren een lezing van dramaturg Tobias Kokkelmans en een interview met danser/balletmeester Christopher Roman, waar ik in mijn tweede en derde column naar terugverwijs. De tekst ontstond grotendeels ter plekke en was via koptelefoons te beluisteren. Onnodig te zeggen dat het een nogal schetsmatig en associatief geheel is.



Ik heb drie verhalen: over een schildpad die verliefd is op een Duitse helm, over pragmatische implicatuur, en over een oude tante uit de hel. Die verhalen zijn onafhankelijk van elkaar te beluisteren, maar alleen het eerste is al af. De andere twee kunnen jullie later op de avond horen, en er zelfs suggesties voor aandragen.


I.

Er is een schildpad die een relatie heeft met een Duitse helm. Ik heb dat niet zelf gezien, ik heb het gelezen bij Midas Dekkers en die had het weer van Urbanus, en het is twintig jaar geleden dat ik dat gelezen heb dus het beest zal wel dood zijn. Maar omwille van het verhaal: er is een schildpad die een relatie heeft met een Duitse helm. Als die schildpad over de daarvoor noodzakelijke conceptuele vermogens beschikte zou hij waarschijnlijk denken dat hij elke dag zinderende seks heeft met de mooiste vrouwtjesschildpad die er is. Maar als hij die conceptuele vermogens had zou hij ook bedenken: nee gast, dat is geen vrouwtjesschildpad, dat is een Duitse helm!

Wij mensen, wij weten wel beter.

maandag 11 juni 2012

Hogere hopeloosheid

Dit artikel kwam tot stand binnen een masterclass kunstjournalistiek van het Domein voor Kunstkritiek, in het kader van Springdance. Eerder vandaag verschenen in hard//hoofd.


In 2009 wijdde het tijdschrift e-flux twee nummers aan de vraag: “What is contemporary art?” Het antwoord, in één woord samengevat: hopeloosheid. Boris Groys verbeeldde het met een animatie-loopje van Francis Alÿs, Song for Lupita: een vrouw die eindeloos water overschenkt van het ene glas in het andere. “Contemporary” zoals het in e-flux gebruikt wordt is een verzamelterm voor wat na “modern” komt, voor kunst die niet meer gelooft in vooruitgang, sublieme ervaring, esthetische opvoeding, abstractie en avantgardisme in het algemeen. Wat er dan overblijft, volgens Groys? “A pure and repetitive ritual of wasting time — a secular ritual beyond any claim of magical power, beyond any religious tradition or cultural convention.”


Song for Lupita had een hedendaagse dansvoorstelling kunnen zijn. Wie Springdance, Something Raw, Dansmakers Amsterdam of voorstellingen van de SNDO bezoekt, herkent de mentaliteit: het volharden in hopeloosheid, met alle beschikbare middelen. “Ritmisch bewegen op muziek” is daarbij niet meer dan één van de mogelijke grepen uit het repertoire. Dans zonder dans is in de hedendaagse dans eerder regel dan uitzondering. Vandaar ook dat Springdance en Something Raw zich niet omschrijven als dansfestival, maar als festival for contemporary dance and performance: wat hier gebeurt moet niet meer worden opgevat als dans maar als gebeurtenis, als een subgenre van conceptuele kunst.

vrijdag 27 april 2012

Springdance, 2012 (3): Het is maar kunst


Van 19-29 April is in Utrecht het festival voor hedendaagse dans Springdance. Ik volg het festival als deel van een masterclass kunstjournalistiek van het Domein voor Kunstkritiek.

Martin Creed: Work No 1020 Ballet
Akademietheater, 26 april


Work No 1020 Ballet is onmiskenbaar door een beeldend kunstenaar bedacht. Het bevat een punkrockband die zo van de kunstacademie had kunnen komen, als de leeftijd niet wat hoger lag. Vijf dansers die de vijf basishoudingen van het klassiek ballet uitvoeren als bewegende objecten. Een videoscherm op de achtergrond. En een zanger/spreekstalmeester die eigenlijk een performancekunstenaar is. Die laatste is Martin Creed.

woensdag 25 april 2012

Springdance, 2012 (2): Het goedaardige kabinet van Dr. McIntosh

Van 19-29 April is in Utrecht het festival voor hedendaagse dans Springdance. Ik volg het festival als deel van een masterclass kunstjournalistiek van het Domein voor Kunstkritiek.

Kate McIntosh, Untried Untested
Theater Kikker GZ, 24 april

Untried Untested van Kate McIntosh bevat ballonnen en bellenblazen. Toch is het allerminst een kinderspel, eerder een experimentele opstelling. De ballonnen zijn niet vrolijk gekleurd maar zwart, en ze sneuvelen al vroeg in de voorstelling. Het gebeuren speelt zich af op een immens vel pakpapier, een blank slate die aan het einde aan stukken gaat. Het opblazen van ballonnen wordt gebruikt als methode voor reanimatie. Zo wordt er tijdens Untried Untested nog meer doktertje gespeeld. Zelfs het bellen blazen gebeurt met behulp van een windmachine.

Springdance, 2012 (1): Broken Telephone

Van 19-29 April is in Utrecht het festival voor hedendaagse dans Springdance. Ik volg het festival als deel van een masterclass kunstjournalistiek van het Domein voor Kunstkritiek.

Sofia Dias / Vitor Roriz, A gesture that is nothing but a threat
Theater Kikker KZ, 24 april

Achter een tafel spelen twee mensen luidop broken telephone. Ze herhalen hun woorden en zinnen net zolang tot ze verhaspeld raken tot iets anders. Ze veranderen hun toon als de betekenis verschuift. “Open your eyes!” roepen ze het publiek toe (zat er iemand niet op te letten dan?) en dat wordt are you allright, all these parades, do you have a light, you’re so polite.

Als ze bewegen, is dat hoekig en formeel, in steeds verder gecompliceerde en verwarde patronen. Het zijn een man en een vrouw, mooie mensen maar totaal neutraal gekleed in shirts, jeans en sneakers. Zelfs als hun danspatronen elkaar zo kruisen dat de dansers langs elkaar heen strijken, zelfs als ze elkaar aankijken en uitdagen blijft dat een abstract gegeven.

dinsdag 19 juli 2011

Archief 2: Holland Festival

Twee stukken die ik afgelopen jaar schreef over Something Raw, 15-19 februari, en  het Holland Festival, 2-26 juni. Door omstandigheden niet eerder gepubliceerd.

Fluxus Redux
of: De discipline voorbij?


Het Holland Festival heeft sinds een paar jaar een categorie ‘multidisciplinair’. Enerzijds is dat een vrij neutrale vaststelling: er worden nou eenmaal een video-opera, locatietheater, een installatie met strijkkwartet, grensoverschrijdend ballet en een solomuziektheaterperformance geprogrammeerd, dus is de afdeling ‘etcetera’ groot genoeg om het een eigen naam te geven. Anderzijds drukt het wel degelijk een ambitie uit: bij de tijd zijn. Wie avontuurlijk wil zijn, wie als festival representatief wil zijn voor wat er speelt, die zoekt het grensvlak van disciplines op, want daar wordt geëxperimenteerd met nieuwe technologieën en nieuwe presentatievormen. Nu het begrip ‘avantgarde’ uit de mode is geraakt, heeft ‘multidisciplinariteit’ een deel van de functies van die term vervangen: een haalbaarder, minder publieksvijandig, minder utopisch en meer glimmend artistiek utopia.

Toch blijft het iets van een restcategorie houden. De programmering van Festival aan de Werf: is concreter: die onderscheidt niet minder dan tien categorieën zoals fysiek theater, lecture-performance, verdieping en performance-installatie. In vergelijking daarmee is multidisciplinair toch vooral een te vervullen belofte: een toekomst waarin de kunsten niet meer worden gescheiden door disciplinaire beperkingen, maar waarin elk werk zijn eigen genre kan zijn, de discipline voorbij.

Archief 1: Something Raw

Twee stukken die ik afgelopen jaar schreef over Something Raw, 15-19 februari, en  het Holland Festival, 2-26 juni. Door omstandigheden niet eerder gepubliceerd.

Dans zonder dans
of: wat is "contemporary"?


Something Raw is een jaarlijks festival, nu in zijn tiende jaar, voor "eigentijdse dans en performance" in Frascati en de Brakke Grond. "Eigentijds" is hier een tamelijk complex begrip. Het betekent, allereerst, dat hier jonge makers centraal staan, vaak een paar jaar afgestudeerd en bezig hun weg te vinden als choreograaf. Ten tweede betekent het dat hier niet zozeer sprake is van dans als ritmische beweging, maar meer van theatrale performances op basis van een choreografie, die zich beter laten vergelijken met bewegingstheater en performances in de beeldende kunst dan met "dans" als in "Nederlands Dans Theater". Ten derde betekent het, inderdaad, "rauw": de voorstellingen zijn zelden bedoeld om mooi te zijn, en als er dansers naakt rondlopen of lichaamssappen uitwisselen is dat voor niemand meer shockerend.
"Eigentijds", kortom, staat hier voor contemporary met al zijn connotaties: een verzamelbegrip voor artistieke praktijken voorbij de avant-garde, ironisch, conceptueel, de-skilled, anti-virtuoos, anti-kunst, en flink beladen met identiteiten en seksualiteiten. Dans zonder dans, of in elk geval niet óm de dans.

Een jaar geleden wijdde het onovertroffen internettijdschrift e-flux twee afleveringen aan de vraag “What is Contemporary Art?”
Een week Something Raw is in dat opzicht een leerzame ervaring. Dit stuk is dan ook bedoeld als een snelcursus: een inleiding in de aparte humor van de eigentijdse dans- en performancekunst, een inwijding in de rare rituelen, en een reconstructie van een rel waar ik niet bij was.

zondag 20 februari 2011

Something Raw, 2011 (3): Rituelen

"I find it hard to take silences sometimes / and then I will just talk", zingen Sudermann en Söderberg aan het eind van hun voorstelling A Talk. En dat vat het laatste uur van Something Raw in woord en daad samen. Zoals iedereen wel eens een pijnlijke stilte vult met stopwoordjes, of woorden betekenisloos maakt door ze te herhalen of er een riedeltje van te maken, zo voert het duo dat in het extreme door: het begint met klappen, stampen, in je vingers knippen en eindeloos dezelfde woordjes herhalen, en het eindigt met "talk talk talk talk talk talk talk talk". En tussendoor, bijna als een onderbreking, is er een gesprek, waarbij ze zich tot het publiek richten en vertellen wie ze zijn, uitleggen dat Jolika Sudermann nog aan de beterende hand is en dat haar stem daarom soms wat hapert - en dan, plotseling, vervallen ze in herhaling en neemt de onzin weer de overhand. Die situatie herhaalt zich een paar keer. Het is alsof je je bevindt in een uitvergrote stilte in het gesprek.

zaterdag 19 februari 2011

Something Raw, 2011 (2): De rel waar ik niet bij was

Het is een merkwaardig gevoel. Je gaat doelbewust NIET naar een voorstelling waarvan je kunt verwachten dat die ophef zal veroorzaken, juist om het gevoel te cultiveren dat je iets hebt gemist. Vervolgens veroorzaakt die voorstelling inderdaad ophef, zelfs iets van een rel, praat iedereen op het festival nergens anders meer over, en heb je inderdaad wat je wilde: het gevoel dat je iets gemist hebt.
Maar wat ik nou precies gemist heb? Na gesprekken met zes mensen die er wel bij waren, weet ik nog steeds niet of het nou een dansversie van het Stanford Prison Experiment was, een kunstwerk dat zich tegen de maker keert, een uit de hand gelopen geintje in een toch al absurde setting, een interessante educatieve ervaring, een situatie waarin de kunst iets te echt wordt, een storm in een glas water, een de kunst overstijgend statement over grenzen overschrijden, of gewoon een exhibitionistische pornovertoning. Maar ik had er wel bij moeten zijn.

vrijdag 18 februari 2011

Something Raw, 2011 (1): Dans zonder dans

Liefde is een mooi iets, vooral met jam en tandpasta. In On pleasure and fear van Irina Müller smeren drie danseressen elkaar in met Bonne Maman, in 3 Ways to master a kiss or a twentyfive minutes kiss at you neck van Aitana Cordero wisselen de performers, al tongzoenend en bij tijd en wijle in acrobatische configuraties, tandpasta uit, en aan het einde nog het een en ander etenswaar. Welkom bij Something Raw.

vrijdag 21 januari 2011

Party in the Kitchen

Hard//hoofd online tijdschrift voor kunst en journalistiek, 21 januari

Afgelopen weekend in Frascati organiseerde Emio Greco | PC voor de tweede keer zijn Party in the Kitchen, een opmerkelijk evenement dat het midden houdt tussen een conferentie, een dansfestival en een voorproefprogramma. EG | PC is als dansgezelschap in Nederland tamelijk uniek omdat ze zich presenteren als onderzoekslaboratorium, reizende academie, discussieforum en interdisciplinair kunstencentrum ineen. Daarnaast blinken ze uit in aanstellerig gefladder in straksluitende doorzichtige jurkjes en glitterkostuums. Het Feest in de Keuken is dan ook zowel een spektakel van nieuwe vormen om dans te presenteren, als een parodie van hoe de toekomst van de kunst eruit gaat zien.