dinsdag 24 mei 2016

Oude nieuwe tendensen

In memoriam François Morellet (1925-2016)
 vandaag op hard//hoofd

Het was in het regionale museum van Brest (Bretagne), in de zomer van 2009, dat ik voor het eerst kennismaakte met het werk van François Morellet en zijn geestverwanten van de Groupe de Récherche d’Art Visuel. Het was een eens-in-het-jaar-revelatie die ik niet had verwacht na rijen suffe zeegezichten en Bretonse vissersdorpen te hebben geswipet. Waarom, dacht ik, heeft niemand me dit eerder verteld?

GRAV, opgericht in 1960, stond een zakelijk en onpersoonlijk soort kunst voor, voortgebracht door rigide regels en procedures, die niks meer zou representeren of uitdrukken en ook niet meer zo nodig met verf gemaakt hoefde te worden. Tenminste, dat was de theorie. In de praktijk sloop er aardig wat vindingrijkheid en geknutsel in het werk van de ‘onderzoeksgroep’. Overlappende rasters, draaiende balkjes, verschoven vierkanten en moiré-effecten werden geometrisch speelgoed, waarbij je als kijker een zekere vrolijke duizeling moest overwinnen om uit te pluizen hoe dat patroon nou eigenlijk in elkaar zat.

sérigraphies

Twee weken geleden is François Morellet overleden, op 90-jarige leeftijd, in het gehucht onder de rook van Nantes waar hij 70 jaar atelier hield en decennialang een fabriekje voor speelgoedautootjes runde. Het nieuws stond pas tien dagen later in NRC, hoewel hij, volgens het in memoriam in die krant, net bezig was gehypet te worden. Vanwege zijn 90e verjaardag waren er retrospectieven in Londen, Sao Paolo, Parijs en ook bij Art Affairs in Amsterdam. Kort voor zijn dood schreef The Art Newspaper over Morellet &co, die nu eindelijk wijdere erkenning kregen, en wiens werk desondanks nog lekker laag geprijsd was. De suggestieve kop was ‘OFAs (Old French Artists) are the new YBAs’ [Young British Artists].

woensdag 6 april 2016

Stofhopen en Mijnwerkershymnen

Gisteren op hard//hoofd



Het was door een foto van demonstranten bij het Wildersproces, vreemd genoeg, dat ik moest denken aan The Miners’ Hymns. In die prachtige zwijgende documentaire, samengesteld uit archiefbeelden, zie je het leven van mijnwerkers in Noord-Engeland. Het zijn mannen met knoestige koppen die beestachtig worden afgebeuld, terwijl hun kinderen spelen in de stofhopen. Het lot van hun vrouwen blijft grotendeels buiten beeld. Een verdwenen wereld, die je niet graag terug zou willen. Maar zielig zijn ze niet: je ziet hoe ze samen de mijn in gaan, en op zondag bij politieke rally’s trots met hun bombastische vakbondsvaandels achter de grote trom aan trekken. Ondertussen speelt op de soundtrack een heroïsche, postminimalistische mars.

Het is een pijnlijk soort nostalgie. De aantrekkingskracht van de sociaal-democratie, een eeuw lang, lag in de boodschap dat je meer was dan een werkpaard, de belofte dat je kinderen een beter leven zouden krijgen dan jij. Conservatieven begrepen die aantrekkingskracht ook en kwamen met een gezagsgetrouwe variant erop: Bismarck voerde de eerste sociale wetgeving in om de rooien de wind uit de zeilen te nemen, Abraham Kuyper richtte een partij, een krant, een omroep en een universiteit op ten behoeve van de kleine luiden. De naoorlogse verzorgingsstaat is gebouwd op de coalitie en concurrentie van die twee partijen.

Wie wil zien waar dat is misgegaan hoeft maar het centrum van Amsterdam in te gaan. De trotse maar uitgeknepen mijnwerkers uit The Miners’ Hymns hadden zich bij een beter leven voor hun kleinkinderen vast iets anders voorgesteld dan een stel dronken Britse toeristen op een bierfiets.

donderdag 24 maart 2016

dinsdag 15 maart 2016

Europese Deelstaatverkiezingen

Vandaag in hard//talk, de actualiteitenrubriek van hard//hoofd

Uw reporter is in Halle, Saksen-Anhalt en ook daar weten ze niet wat ze nu van de uitslagen van de deelstaatverkiezingen moeten denken. Is Merkels vluchtelingenpolitiek nu afgestraft? Ja, omdat de xenofobe partij Alternative für Deutschland de politieke verhoudingen, nog meer dan gepeild, op z’n kop heeft gezet. Nee, omdat de grootste winnaars uiteindelijk Die Grünen zijn, die wonnen in het veel grotere Baden-Württemberg (10,7 mln. inwoners). En ondertussen regeert de SPD, ondanks de gruwelijke nederlagen van afgelopen zondag en de voortdurende leiderschapscrisis, nog steeds in de meeste andere Länder, nadat de CDU daar in eerdere verkiezingen nog veel harder werd afgestraft. Resultaten uit eerdere Landtagswahlen geven geen garantie voor de toekomst.

Het interessante aan deze verkiezingen is niet wie er de komende jaren de lakens mag uitdelen in Rijnland-Palts. Het interessante is dat dit internationaal nieuws is. Net zoals eerder heel Europa de adem inhield bij een Grieks referendum, en de gemeenteraadsverkiezingen in Madrid en Barcelona niet alleen in Spanje opzien baarden, zo is nu Duitse regionale politiek Europese regionale politiek geworden. Over drie weken komt de karavaan naar Nederland voor een volksraadpleging over Oekraïne, en het resultaat zal waarschijnlijk een opgestoken middelvinger zijn. Dit is hoe Europese democratie eruitziet, en dat is niet altijd leuk.

Het ontbreekt aan een Europese publieke sfeer, hoorde je afgelopen jaren regelmatig; onder anderen van eminent filosoof Jürgen Habermas en minder eminent VVD-europarlementariër Hans van Baalen. En daarom, zei Habermas, moeten we er een bouwen; of daarom, zei Van Baalen, wordt het toch niks met de Europese democratie. Die verzuchtingen kunnen met de wind mee. Er is wel degelijk een Europees debat – over vluchtelingen, over TTIP, over Griekse schulden. En om nou te zeggen dat de uitkomst procedureel rechtvaardig of bij plebisciet gelegitimeerd is, nee, maar wat Frauke Petry of Yanis Varoufakis ook beweren, hun stem wordt wel degelijk gehoord. Wie droomde van een Europese agora, met twintigtalige nieuwsplatforms en transnationale culturele projecten, krijgt nu iets wat meer lijkt op de echte Agora, compleet met intriges en ostracisme. Pegida-idioten in Maagdenburg zijn ook ons probleem, en heel Europa kan zich straks gaan ergeren aan Jan Roos.

Het lijkt allemaal meer op Het Vlot van de Medusa dan op De Vrijheid leidt het volk. Er hoeft geen project meer te water te worden gelaten, we zitten al op een vlot en we moeten het maar vertimmeren, midden op zee.

woensdag 24 februari 2016

Vervreemdingstheater als radioshow

Deutsches SchauSpielHaus Hamburg: Effi Briest: allerdings mit anderem Text und auch anderer Melodie | Stadssschouwburg Amsterdam, 23 februari
Vandaag in Theaterkrant


In 1967 maakte The Who het conceptalbum The Who Sell Out, dat qua opzet een radio-uitzending imiteert. De nummers worden onderbroken door zogenaamde commercials en ook de lyrics zijn niet vrij van ironische sluikreclame. Dat was nog voordat het viertal zich op rockopera’s stortte.
Stel je nu voor dat een Duits repertoiretoneelgezelschap, een decennium later, dat concept gejat zou hebben. Dat ze in een experimentele bui bedacht zouden hebben dat ze binnen die opzet een soort Dreigroschenoper van een literaire klassieker konden maken, neem bijvoorbeeld Fontane’s Effi Briest, dat had iedereen immers toch op school moeten lezen. Dat ze hun hoogburgerlijke hitradioshow zouden hebben opgevoerd in de kostuums en kapsels van hun tijd, tussen tijdloos lelijke grootoudermeubels en gordijnen in caravanstijl. En dat ze dat verdomd goed gedaan zouden hebben. Dan heb je wel een indruk van Effi Briest: allerdings mit anderem Text und auch anderer Melodie van het Deutsches Schauspielhaus Hamburg.

maandag 22 februari 2016

Umberto Eco: mindcandy for the millions

Vandaag op hard//hoofd
 


Op de Biënnale van Venetië, in het Italiaanse paviljoen, was een video met Umberto Eco te zien. Hij vertelde iets over het verlies van cultureel geheugen en dat jonge mensen niet meer fatsoenlijk leerden hoofdrekenen door al die elektronische apparaatjes.
Het Italiaanse paviljoen was al geen hoogtepunt van vooruitstrevendheid, met teveel gereflecteer op het eigen erfgoed, maar deze oude-oligarchenpraat was werkelijk erg. Het werd tijd, mopperde ik terug, dat Umberto Eco eens dood ging.

Nu is hij dood – en dat is, vanzelfsprekend, een immens verlies. Eco, die lang voordat hij een onwaarschijnlijke bestsellerauteur werd academisch carrière maakte met het bestuderen van culturele tekensystemen, was zelf een cultureel icoon geworden.
Hij was het uitvergrote archetype van de Italiaanse intellectueel met zijn ietwat groezelige baard, bril, eeuwige peuk, Borsalino-hoed en de liederlijke gewoonte om met zijn studenten tot laat te disputeren in Bolognese osteria’s. Zoals Château Disneyland de doorgefokte versie is van Slot Neuschwanstein, zo was Eco de overtreffende trap van Europees cultuurgoed: een man die vijf levende en twee dode talen sprak en alom wordt geprezen om zijn wellevendheid. In een interview ergens aan het begin van deze eeuw vertelde hij dat hij, met 100.000 boeken in zijn ene huis, ‘een kleine handbibliotheek’ van 30.000 in het tweede en nog 5.000 in het derde, de dubbele exemplaren aan het weggeven was aan de gevangenis. Zelf schreef hij er ook een paar dozijn.

dinsdag 12 januari 2016